**** Mijn keuken van Galicië – Isabel Menino

galicie

In het kader van ‘ik ga op vakantie en neem mee’ zijn we beland in Galicië. De regio in Spanje waar veel mensen te voet naartoe gaan omdat bedevaartsoord Santiago de Compostella de hoofdstad is.

Galicië is een autonome gemeenschap in het noordwesten van Spanje. Ze spreken er een eigen taal, het Galicisch, en het is nooit zo’n toeristische trekpleister geworden als veel andere regio’s in Spanje. Met uitzondering natuurlijk van de ‘pelgrims’ die aan de wandel zijn naar het beroemde bedevaartsoord. Als ík al zeker tien mensen ken die deze wandeltocht hebben gemaakt, hoe druk moet het dan wel niet zijn op dat voetpad!

Na de verwoesting in de Tweede Wereldoorlog bleef er voor de werkende man niet veel over in dit arme deel van Spanje. Je werd visser, boer, winkelier of bouwvakker. Veel vooruitzichten op een goed leven waren er niet, dus vertrokken aan het begin van de zestiger jaren veel jonge mannen naar Noord-Europa, op zoek naar een beter leven.

Zo ook de vader van Isabel Menino. Manolo Menino arriveerde in het voorjaar van 1963 met de trein op Rotterdam Centraal. Na wat omzwervingen kocht hij een enkele reis Amsterdam en kwam hij terecht bij een kleine bar in de Peperstraat. Gebakken kip, patat en appelmoes werden daar geserveerd. Braaf begon Manolo met het bereiden van deze gerechten, maar al snel kreeg hij daar een beetje genoeg van en langzaam begon hij de kaart uit te breiden met Spaanse gerechten. In die tijd was het nog niet echt de gewoonte om paella, zarzuela, tortilla en sangria te nuttigen in een Amsterdams etablissement.

Hij trouwde met een blonde schone en in 1968 werd dochter Isabel geboren. Elk jaar vertrok het gezin voor zes weken naar Galicië. Er werd gelogeerd bij oma, waar de was nog in de rivier werd gedaan, de kip voor de deur de nek om werd gedraaid en dan de pan in ging, en het water met een emmer uit de put werd gehesen.

Van de hand van Isabel verscheen onlangs een prachtig kookboek, gebaseerd op de jeugdherinneringen en traditionele familierecepten die ze van haar grootmoeder en vader heeft meegekregen. In het ontwerp van het boek is duidelijk te zien dat ze een kunstzinnige achtergrond heeft. Over alles is nagedacht: prachtige foto’s, mooi gebonden en zeer duidelijke recepten.

Mocht er een vakantie naar Galicië op het programma staan, dan zou ik het zeker meenemen om te gebruiken tijdens mijn verblijf daar. Alleen voor de ‘pelgrims’ lijkt me dat niet zo handig; elke extra gram die je mee moet sjouwen is er dan een te veel, lijkt mij.

Prijs: €35,-